Openwaterzwemmen – wat kan en wat kan niet?

Triatlonwedstrijden worden meestal georganiseerd in open water. Dit betekent dat triatleten ook vaak trainen in openwater. Wat kan en wat kan niet? Waarmee moeten triatleten en clubs rekening houden? We sommen het hieronder even op.

 

 

  1. Stel je in orde met de regelgeving; in open water zwemmen (publiek of privé) is in beginsel verboden tenzij het uitdrukkelijk wordt toegelaten (in recreatiedomeinen zoals Hazewinkel of wanneer bijv. een tijdelijke vergunning wordt verleend voor een wedstrijd of voor clubs). Een toelating om te zwemmen kan dus blijken uit de signalisatie ter plaatse of gebaseerd zijn op (en beperkt tot) een toelating voor een specifieke activiteit. Indien dit niet is toegelaten en de club organiseert er openwatertrainingen, kan deze aansprakelijk gesteld worden.
  2. Veilig zwemmen vereist schoon zwemwater. De Vlaamse overheid controleert wekelijks (vanaf juni voor de kust en vanaf mei voor de publieke zwemvijvers) de kwaliteit van openbaar zwemwater en publiceert die met zwemadvies via de website kwaliteitzwemwater.be. Op deze site vind je ook meer info over welke gezondheidsrisico’s gepaard gaan met openwaterzwemmen (zoals maag- en darmstoornissen, zwemmersjeuk, kwallen, pieterman, …) en heb je ook een meldpunt voor vragen of klachten over de zwemwaterkwaliteit.
  3. Zones waar zwemmen is toegelaten: de veiligheidsverplichtingen rusten op de exploitant van de zwemgelegenheid. Indien de zwemgelegenheid ter beschikking wordt gesteld van derden (bijv. een club) en dit buiten de normale uren, moet er over worden gewaakt dat de noodzakelijke redder(s) aanwezig zijn. Dit wordt bij voorkeur vastgelegd in een overeenkomst. Tijdens de (overeengekomen) periode dat de club instaat voor het respecteren van de veiligheidsvoorschriften, draagt zij de volledige verantwoordelijkheid m.b.t. de veiligheid van de aanwezige zwemmers, leden en, indien ze worden toegelaten, niet-leden.
  4. Voorzie een erkende  (hoger redder, jaarlijks bijgeschoold)  redder die constant toezicht houdt, dichtbij dus aan de kant of op het water (kajak of surfboard). Tot 50 zwemmers volstaat 1 redder. Indien er meerdere lesgevers zijn voor verschillende doelgroepen (bijv. recreanten, jeugd, …), is er bij voorkeur een aparte redder voor het toezicht. Zijn er grote afstanden tussen de verschillende groepen, wordt best een extra redder voorzien.
  5. Wanneer niet-leden worden toegelaten tot deze trainingen, is er een bijkomend risico: de zwemcapaciteiten van deze buitenstaanders zijn niet altijd bekend en vaak zijn zij niet op de hoogte van eventuele afspraken. Kinderen toelaten die geen lid zijn van de club en zonder toestemming van de ouders is te vermijden.

Met medewerking van ISB en Ethias. Extra bronmateriaal: Vlarem (2)-wetgeving.

Algemene zwemtips:

  1. Ga nooit alleen trainen in open water; individuele initiatieven gebeuren steeds op eigen risico dus zorg dat de club dit coördineert zodat ook bovenstaande voorwaarden verzekerd zijn.
  2. Kwaliteit zwemwater: Hou het zwemwater in de gaten (check het online advies of respecteer de waarschuwingsborden als die er zijn) en ga niet zwemmen indien je twijfelt over de waterkwaliteit, het water een vreemde kleur heeft of er dode dieren in drijven, je wat slapjes voelt en minder weerstand hebt tegen ziekten, zwem niet in drijflagen van algen (vettige groene laag op het water). Probeer zo weinig mogelijk zwemwater in de mond te krijgen.
  3. De kwaliteit van het zwemwater wordt bepaald door aanwezigheid van faeces of uitwerpselen. Zo hebben kanalen en de kust meer risico op verontreiniging (door aanvoer van verontreinigd oppervlaktewater) dan een zwemplas of binnenvijver. Ook honden, vogels en paarden op het strand hebben een nefaste invloed.
  4. Hou rekening met de temperatuur van het water; warm goed op bij koude temperaturen (ter info: bij wedstrijden wordt zwemmen bij een temperatuur van 12°c of lager niet meer toegestaan) of wees attent bij een warme watertemperatuur, zelfs bij het dragen van een wetsuit (kans op overhitting).
  5. Gebruik je voor de eerste maal een wetsuit? Hoe trek je dit elegant aan? Op wat moet ik letten? Hoe gaat die vlot uit voor een wissel? Oefen misschien eerst eens in het zwembad maar laat je hiervoor zeker bijstaan door iemand met ervaring.
  6. Zorg voor een veilige in- en uitstap van het water. Duik niet in troebel water aangezien je niet kan zien hoe diep of ondiep het water er is en draag bij voorkeur een opvallende badmuts.
  7. Oefen een (chaotische) zwemstart en leer startposities innemen (afhankelijk van eigen zwemniveau). In een grote groep zwem je ook anders, atleten doen vaak kortere slagen en zijn minder bezig met hun zwemstijl en eerder met de juiste richting te houden. Oefen hier op.
  8. Ga nooit zwemmen bij een onweer.

Nog vragen? Contacteer ons via clubs@triatlon.vlaanderen.